Als directeur van Mezzo ontmoet ik veel mantelzorgers en zorgvrijwilligers. Met grote liefde en betrokkenheid zorgen zij voor een zieke of gehandicapte naaste (een familielid, vriend, buur, of maatje via een vrijwilligersorganisatie). Mantelzorgers doen dit vaak veel uren per week, maanden en soms zelfs jaren achtereen en niet zelden in combinatie met een baan.
Ik heb groot respect voor alle 3,5 miljoen mantelzorgers en 420.000 zorgvrijwilligers die Nederland rijk is. Zij voelen zich verantwoordelijk voor hun naasten en dat is een van de belangrijkste uitgangspunten van een betrokken samenleving.
Maar naast groot respect heb ik ook grote zorgen, want de druk op de informele zorg (mantelzorg en vrijwilligerszorg) neemt toe. Ruim 450.000 mantelzorgers voelen zich overbelast en 6.000 mensen staan op de wachtlijst voor vrijwillige thuishulp, een buddy of maatje. Het merendeel (67 procent) van de mensen die de gemeente om ondersteuning vragen - bijvoorbeeld huishoudelijke hulp - geeft aan dat de grens van wat hun netwerk aan hulp kan bieden is bereikt.
Mezzo heeft de politiek in deze verkiezingstijd opgeroepen om de juiste keuzes te maken als het om informele zorg gaat. Ja, de dubbele vergrijzing, explosieve zorgkosten, problemen op de arbeidsmarkt en de financiële crisis vragen om een antwoord, maar als dit antwoord de informele zorg overvraagt, zijn we met elkaar nog veel verder van huis.
Ons belangrijkste basisprincipe is dat informele zorg géén plicht mag worden. Maar als burgers ervoor kiezen om voor hun naasten te zorgen, verdienen zij erkenning, ondersteuning en waar nodig compensatie. Dat is de enige juiste politieke keuze om een betrokken samenleving, met zorg voor elkaar, te stimuleren.
Welke concrete acties er volgens Mezzo de komende kabinetsperiode noodzakelijk zijn, leest u in onze publicatie Samen kiezen voor informele zorg. De Stemwijzer informele zorg geeft u een goed beeld van de standpunten van de verschillende politieke partijen op dit thema.
Jancor de Boer
directeur Mezzo