'Het helpt enorm als je erkend wordt door hulpverleners'

Jannie Visscher, wethouder bij Groningen-stad.

De gemeente Groningen heeft een heldere visie op de rol van het steunpunt mantelzorg in de stad. Het Steunpunt, Humanitas in dit geval, moet stimuleren dat de positie van mantelzorgers ook bij andere instellingen onder de aandacht komt, en daarin samenwerken, kennis delen, ondersteuning bieden. Met steeds als maatschappelijk effect: het verbeteren van de positie van mantelzorgers.

Welke rol vervult de gemeente in dit proces?Wij hebben vanaf het begin van de Wmo het gesprek met de mantelzorgers zelf opgezocht. Wat mij in die gesprekken het meest is opgevallen: is hoe belangrijk het voor mantelzorgers is om erkenning vanuit de beroepsmatige zorg te krijgen voor hun soms zware taak.

Het helpt enorm als je erkend wordt door hulpverleners, die jou bij de zorg betrekken, zich in je verdiepen, gevraagd en ongevraagd advies geven en zo mogelijk samen zaken afstemmen.

Ik heb zelf de ervaring gehad dat we met een groep mensen iemand zorg thuis boden maar niet terecht konden bij de huisarts met vragen over de verzorging. Uiteindelijk kregen we de benodigde informatie en steun vanuit de thuiszorg, waardoor we de zorg konden voortzetten.

Wat ziet u als de meerwaarde van Humanitas?We zien graag dat Humanitas haar kennis en ervaring op dit specifieke terrein deelt met andere organisaties.

Dat kennis delen zit hier in Groningen in onze cultuur. Daarom zijn we een Werkplaats mantelzorg gestart waar alle zorg en welzijnsinstellingen en de gemeente in participeren. Humanitas organiseert deze Werkplaatsbijeenkomsten.

De gemeente stimuleert dat organisaties gebruik maken van de deskundigheid van Humanitas bij het ontwikkelen van familiebeleid.

Organisaties zouden dat ook zonder hulp van ons en van Humanitas kunnen doen, maar we zien dat ‘de wereld nog niet af is’. Er zijn organisaties die het erg goed doen, dus laat ze daar vooral mee doorgaan en tips en ervaringen aan elkaar doorgeven.

De Werkplaats is hierin heel belangrijk omdat sleutelfiguren uit de beroepsmatige en informele zorg hier bij elkaar komen, nu al vijf jaar lang!

Humanitas levert echt een bijdrage aan het verbeteren van de positie van mantelzorgers in intramurale settingen.

Zij kunnen als deskundige de samenwerkingspartners een spiegel voorhouden en op basis hiervan samen zoeken in de driehoeksrelatie cliënt, mantelzorger en beroepskracht naar verbeteringen, en medewerkers leren om te zien wat de mantelzorger in die situatie nodig heeft.

Daarnaast hoop ik dat er, doordat er meer ruimte komt voor mantelzorgers in de intramurale setting, de zorg ook weer wat deprofessionaliseert en wat gewoner wordt.

Ziet u ook tegenkrachten?Eén van de grootste valkuilen is de arrogantie van de professionals. Dat je vooral uitstraalt: ‘wij zijn deskundig en wij zijn verantwoordelijk’.

Het is natuurlijk ook niet altijd gemakkelijk. Wat doe je bijvoorbeeld als je als beroepskracht ziet dat de aanpak van de mantelzorger schade berokkent aan de cliënt? Dan moet je wel optreden.

Hoe ziet de toekomst eruit? Er wordt steeds meer verwacht van de cliënt zelf en zijn sociale netwerk.

Ik vind het belangrijk dat Humanitas zich blijft inzetten voor erkenning en ondersteuning van mantelzorgers, juist omdat de druk op mantelzorgers ook intramuraal alleen maar zal toenemen.

De organisaties moeten met elkaar in gesprek blijven en Humanitas kan dat onderlinge contact en het delen van kennis blijven organiseren.

En bovenal, we willen in gesprek blijven met mantelzorgers!